van Teun tot Ton

Het leven van de familie van Klaveren
in Amsterdam

Het leven aan het Rustenburgerpad


In diverse akten van Teun en zijn kinderen wordt vermeld dat zij woonachtig zijn “buyten de Utrechtsche poort”. Teun’s inschrijving in het register van het St. Anthonis kerkhof geeft aan dat hij in 1801 woont op het Rustenburgerpad in Nieuwer-Amstel, de huidige Rustenburgerstraat in Amsterdam.

Dat er naar het Rusterburgerpad verwezen wordt als “buiten de Utrechtse Poort” blijkt uit de volgende advertentie.

krantenartikel

Amsterdamse Courant, 31 Maart 1792

Hoewel Nieuwer Amstel rond 1800 een uitgestrekte polder met akkerbouw en veeteelt was, bevestigd de advertentie dat er behoorlijk wat nijverheid plaatsvond in het gebied net buiten de Amsterdamse stadsgrens. Dit buitengebied was de uitgelezen locatie voor gevaarlijke en overlast veroorzakende industrieën: kruitmolens, loodwitmolens, kalkovens en traankokerijen werden bewust buiten de stad geplaatst. Zo lag aan de noordzijde van dit gebied de Zaagmolensloot, huidige Albert Cuypstraat, met maar liefst 18 houtzaagmolens.

zaagmolens

Gezicht van de Hogesluis naar de Buiten Amstel, de Amsteldijk en de molens aan de Zaagmolensloot rond 1710/1725

(bron: Stadsarchi ef Amsterdam; vervaardiger Greve, IJsack, Greve, B.)

Eerder aan het eind van de 16e eeuw investeerden rijke Amsterdammers in de aanleg van buitenhuizen net buiten de stadsgrenzen. De oude naam van het Rustenburgerpad is Rust- en Werk pad en verwijst naar een bij de Amstel gelegen uitgestrekt landgoed met de naam “Rust en Werk”. Als gevolg van de toenemende druk vanuit de stad, wordt dit landgoed eind 18e eeuw heringericht en verkaveld in meer dan 50 tuinen en bedrijfjes, net als de landgoederen aan het Kuipers- en Verwerspad. Tegen de tijd van Teun’s verhuizing, is het een mengeling van parken, moestuinen en bedrijven.

De kaart hierinder geeft een goed overzicht van het gebied “buiten de Utrechtsche Poort” tussen de Amstel en de Wetering. Duidelijk zijn te zien "de Utrechtsche poort", het buitenhuis "Rust en Werk", en de verkaveling aan het “Rust- en Werk Pad”, of wel het Rustenburgerpad.

Rustenburgerpad

Nieuwe Kaart van de Wydberoemde Koopstat Amsteldam met deszelfs Gebied uit 1770.
Kaart van Amsterdam en omgeving. Veel namen van molens, paden, sloten en buitenhuizen zijn vermeld. Mogelijk is het een vroege recreatieve wandelkaart.

(bron: Stadsarchief Amsterdam; vervaardiger: Mol, Pieter (graveur), Mol, Jan)

Het is goed mogelijk dat Teun meekomt met de verhuizing van de industrie van Reaaler eiland naar Nieuwer Amstel. Meer waarschijnlijk is het dat als gevolg van de slechtere economie, er geen werk meer was en Teun zijn eigen gewassen verbouwde, ofwel warmoezier (of warmoezenier, groente-verbouwer) werd. Dit was een veelvoorkomend beroep van mensen woonachtig in deze gebieden.

Groentemarkt

De groentemarkt aan de Prinsengracht, gezien in noordelijke richting, rond 1789. Links de brug over de Lauriergracht, in het midden de Reesluis, rechts op de achtergrond de toren van de Westerkerk.

(bron: Stadsarchief Amsterdam; vervaardiger: Baur, Nicolaas)

Dit gebied ten zuiden van de Amsterdamse stadgrens is een agrarisch gebied waar groenten en fruit werd verbouwd die via de Boerenwetering naar de Amsterdamse markten werd vervoerd, zoals de groentemarkt aan de Prinsengracht nabij het Leidseplein.

Pas na de annexatie van 1896 werd het gebied ontwikkeld in wat nu de “Nieuwe Pijp” heet, gelegen net ten zuiden van de bekende Albert Cuyp markt.

Referenties en bronnen